geld_gevenVanaf 2004 krijgen boeren in de regio Siguatepequ goedkope leningen in de vorm van een eigen rekeneenheid: de UDIS. Ook werden de boeren gestimuleerd hun eigen koffiebonen, sinaasappels en palmvruchten tot koffie, wijn of plantaardige diesel te verwerken. Er kwam een organische mestfabriek en producten als aloe vera zeep en shampoo vonden hun weg. 
Nu doen maar liefst 150 winkels en 40 productiegroepen mee en verrekenen hun producten en diensten in UDIS.
Deze agro-industriele productie schept economische kansen voor arme boeren. En dat is hard nodig: er emigreerden al talloze boeren naar de VS. 
De ervaring van dit project met partner COMAL vindt haar weerslag in een handboek, te gebruiken voor nieuwe projecten.

Lees
hier een interview met directeur Trinidad Sanchez.

De oorzaken van de armoede? De boeren verkopen hun sinaasappels, koffiebonen en suikerriet doorgaans voor veel te lage prijzen aan de tussenhandel of bedrijven in het Noorden. Ze verdienen dus bijna niets met hun werk. Een oplossing is dan om zelf de basisproducten te verwerken. STRO geeft hiervoor samen met partnerorganisatie, distributienetwerk COMAL, leningen uit.
Het zijn leningen voor cooperatieve bedrijfjes die onderling kunnen samenwerken. De leningen die tot nog toe zijn verstrekt, worden tot op de cent terugbetaald.

De eerste leningen gingen naar een koffiebranderij en een suikerrietplantage die goed kunnen samenwerken: met organische mest op basis van koffiepulp kun je suikerriet tot suiker verwerken. En met de suiker kun je weer koffie branden.
Ook gingen leningen naar een COMALwinkeltje, naar een
vruchtenwijn-fabriekje en naar een bedrijfje dat zeep maakt.

Plaatselijk geld
Er is nog een tweede oorzaak van de armoede. Het geld dat boeren als klant uitgeven komt vaak terecht bij fabrieken en groothandels, niet zelden in het buitenland. Het geld van boeren komt dus niet ten goede aan de eigen regio. Een eigen plaatselijke munt helpt dan om de lokale economie te versterken. En maakt investeren met een lage rente binnen de eigen regio mogelijk. Een paar honderd mensen in vier regio’s accepteren deze UDIS (Unidad de Intercambio Solidario: ruilmiddel) inmiddels als betaalmiddel.

Waarom accepteren mensen plaatselijk geld als betaalmiddel?
Veelzeggend is het voorbeeld van de regio Nueva Frontera aan de grens met Guatemala. De bewoners accepteren UDIS zonder enig probleem als betaling voor hun producten. Ze zijn zo arm dat ze uitsluitend de allernoodzakelijkste producten kopen. Producten die je met officieel geld kunt kopen, zoals video’s en auto’s, kunnen ze zich niet veroorloven.
Bovendien is Nueva Frontera een grensstreek. De mensen zijn er al gewend aan verschillende soorten geld: Quetzals uit Guatemala, Lempira’s uit Honduras en Amerikaanse dollars. Het is dan geen grote stap om een vierde geldsoort te gebruiken.

STRO sluit dit proefproject eind 2007 af en brengt de methode dan in praktijk bij nieuwe projecten.

Lokale Partner: distributienetwerk COMAL (Spaans)
Financiers:

  • PSO (organisatie voor capaciteitsopbouw in ontwikkelingslanden)
  • DGIS (Directoraat-generaal Internationale Samenwerking, ministerie van Buitenlandse Zaken)
  • STRO donateurs
  • HAMAR technisch bureau (Wierden)
  • Anton Jurgensfonds (Middelbeers)
  • Mondiaal beleid West Zeeuws Vlaanderen
  • SOS Rommelmarkt (Den Bosch)
  • Stichting Basta (Nijmegen)
  • De Brandnetel (Winschoten)
  • Rommelmarkt (Haren)